Eén jaar na de invoering van OOB-status voor woningcorporaties

Woningcorporaties met meer dan 5.000 verhuureenheden ontvangen nu sinds een jaar de titel ‘OOB’ (Organisatie van Openbaar Belang). Wat zijn de gevolgen voor woningcorporaties en voldoen deze gevolgen wel aan het doel van de OOB-status?

Door: Marcha van Benten

Per 1 januari 2020 zijn onder andere woningcorporaties met meer dan 5.000 verhuureenheden toegevoegd aan het rijtje ‘Organisatie van Openbaar Belang’. Dit betekent meer regels en extra kosten voor woningcorporaties met een OOB-status. Het doel van deze status is om de kwaliteit van de accountantscontrole te verbeteren. Dit is verplicht gesteld voor dergelijke grote woningcorporaties vanwege het maatschappelijk belang dat ze hebben.

Gevolgen van de OOB-status voor woningcorporaties zijn extra kosten en enkele andere regels. Extra kosten komen voort uit de opdrachtgerichte kwaliteitsbeoordeling, uitgebreidere controleverklaring, een verplichte auditcommissie, scheiding tussen controle- en advieswerkzaamheden en een niet-financiële verklaring in het bestuursverslag. Andere gevolgen zijn partner- en kantoorroulatie en geen gebruik kunnen maken van vrijstellingen.

Uit onderzoek blijkt dat niet alle gevolgen voldoen aan het doel. Zo blijkt de niet-financiële verklaring en het wegvallen van de vrijstellingen de kwaliteit van de accountantscontrole weinig tot niet te verbeteren. Woningcorporaties zeggen ook geen toegevoegde waarde te zien in de auditcommissie. Daarnaast zijn enkele woningcorporaties die zeggen dat de OOB-status helemaal niet helpt bij het verbeteren van de kwaliteit van de accountantscontrole. Uiteindelijk kan worden geconcludeerd dat de meerderheid van de gevolgen wel bijdragen aan de kwaliteit van de accountantscontrole en dat de OOB-status daarmee aan het doel voldoet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *