Directiesalaris bij goede doelen, een gevoelige kwestie

Moeten de directeuren van een goed doel echt meer dan een ton verdienen, vragen velen zich af wanneer ze de salarissen horen van de directeuren van de grote goede doelen. In mijn omgeving trekt het salaris van sommige directeuren regelmatig voor opgetrokken wenkbrauwen. Want elke euro die een directeur meer verdiend is een euro minder naar het goede doel. 

(door: Benjamin van der Kwaak)

Maar wat mag een directeur dan wel verdienen? Wat wordt wel geaccepteerd door de maatschappij. De brancheorganisatie van de goede doelen, Goede Doelen Nederland, heeft getracht dit te verduidelijken in de regeling beloning directeuren bij goede doelen. Door middel van een ingewikkeld puntensysteem kan een directeur op basis van de complexiteit van de onderneming zijn maximale loon berekenen.

Is deze regeling de oplossing geweest? Een enkel telefoontje naar een goed doel met de vraag hoeveel medewerkers de organisatie telt, was al genoeg om te weten dat dit het geval is. Na uitleg waar mijn onderzoek over ging, hoorde ik dat de telefoniste zich lichtelijk ongemakkelijk begon te voelen en krijg ik ongevraagd uitleg: “Soms vragen mensen aan mij waarom de directeur zo veel verdient, maar…”. Komisch vond ik het wel, want de directeur zit ver onder het maximum volgens de regeling van Goede Doelen Nederland.

Een mogelijke oplossing

Om directeuren van goede doelen enig lucht te geven is in opdracht een formule gecreëerd waarbij een directeur zijn loon kan bepalen op basis van wat in de branche gebruikelijk en geaccepteerd is. Hiervoor zijn het aantal medewerkers, de werkuren van het directielid per week en de som van de baten de bepalende factoren.

Door middel van een meervoudige regressie analyse op basis van de cijfers uit de jaarrekeningen 2016 van de goede doelen in Nederland met een CBF-keurmerk en tussen de 100 en 1000 medewerkers is de volgende formule ontwikkeld:

Geschatte salaris directeur = -16.999,79 + 26,99 x aantal medewerker + 0,0004 x som der baten + 3.020,46 x aantal werkuren per week

De voorspelling tegenover de werkelijkheid

Door middel van een significantie toets, met een significantie niveau van 5 procent, is vastgesteld dat het gemiddelde van de voorspelling niet meer afwijkt dan 10 procent. Hierdoor is de formule bruikbaar voor de goede doelen. Verder blijkt dat twee organisaties, de NOCNSF en het Openluchtmuseum, met respectievelijk 58 en 41 procent verschil afwijken van de voorspelling. Deze grote afwijkingen zijn niet geheel onverwacht in verband met de semi-overheidsachtige aard van de organisaties in vergelijking met de rest van de goede doelen.

De formule zal hopelijk de directieleden helpen bepalen wat hun loon zal moeten zijn op basis van wat gebruikelijk is in de branche. Zo kan de directeur zich bezig houden met waarvoor hij wordt betaald, namelijk een goed doel leiden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *